Categorie archief: Terug naar school

Lectulandia

Haalde zonet een boek of 8 in het Spaans vanuit de behoorlijk uitgebreide leeslijst van Español 8A bij Lectulandia. We moeten er dit jaar twee lezen. Twee?! Ik lees jaarlijks een veelvoud van 2 zonder dat dat moet, maar omdat ik dat graag doe. Twee lezen uit een lijst zal dan ook wel lukken zeker.

*kruipt met ereader in zetel onder dekbed*

Als blogposts hashtags hadden zou ik er de totaal nutteloze, want wellicht nooit eerder gebruikte,  #blijdatdelessenspaansweerbegonnenzijn aan toevoegen 🙂

Spaans

Ik herinner me nu even niet of ik er hier recent nog over schreef, maar ik ben ook dit academiejaar weer ingeschreven bij het CLT in Leuven en wel voor de cursus Spaans 7B. Dus kan ik elke woensdagavond les gaan volgen. Spaans praten! Horen! Lezen! Schrijven!

Voor mij is dat eigenlijk “logopedie voor gevorderden”. Het is te zeggen, het is om mijn taalcentrum te blijven oefenen na een periode van afasie in 2012 en daarna. Vorige week was ik dan wel bang, maar toen was de angst minstens even overweldigend, zij het op een andere manier. Wakker worden en de dingen niet meer kunnen benoemen. Alle woorden kwijt zijn. Niet meer weten hoe je zinnen maakt. Spreken, schrijven, lezen. Weg. Alles weg. En nu is het terug. Niet vanzelf, maar het is terug. Al een tijdje. Oef.

Anyway, Spaans 7B dus. Ik vond er opnieuw een aantal klasgenoten van vorig jaar én mijn leerkracht van het eerste jaar. Deze week ging ik alvast naar de les. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat ik nooit afwezig zal zijn wegens ziek (…) of doodmoe of iets met een handicap en/of een complicatie, maar hey, ik was er deze week en deze week was fijn. Verder kijk ik nog even niet. Tenslotte is volgende week woensdagavond nog heel ver weg.

Knopen en hoe ze door te hakken

Ik ben geen ezel. Als ik een fout maak zal ik die niet snel opnieuw maken. Of het zou een fout in de categorie “zelfoverschatting” moeten zijn.

Vorige post hier dateert al van ergens in februari. Titel: “Glundert”. Sindsdien geen reden tot glunderen meer gehad. Hence geen nieuwe post. Dat heb je met die ik-wil-alleen-happy-dingen-schrijven-schrijvers.

De post daarvoor. Titel: “Skype”. Daaruit kon zelfs een slechte verstaander al afleiden dat het moeilijk ging. Het werd op dat ene weekend eind februari na eigenlijk alleen nog maar moeilijker sindsdien.

Nog vele lesavonden Spaans vanuit bed en via Skype volgden. Vorige week legde ik wél mijn examens af aan het CLT. In Leuven. Live. Echt. Alsof ik gewoon een student was die als hobby heeft Spaans studeren. Maar dat ben ik niet.

Ik ben een chronisch zieke persoon met een reeks fysieke beperkingen die in een wanhopige zoektocht naar “ik kan wel nog iets gewoon doen” les volgen en examens afleggen als reden van zijn bestaan is gaan zien. En nu chronisch ziek zijn een eufemisme is geworden, is ook die reden van mijn bestaan gaan wankelen. De wanhoop blijft.

En toch: opluchting, want vorige week gingen die twee avonden met examens Spaans wel goed. Dus kan ik verder naar jaar vier. Ga ik vanuit tenminste.

In het Spaans zeggen ze daarop iets als: “Ojala“. Als het God belieft. Bij leven en welzijn. Zouden (denk ik) vertalingen kunnen zijn. Ik ben bang. Ik weet het niet. Maar ik hou er gewoon rekening mee dat ik gewoon zeven jaar lang Spaans blijf studeren. Ah ja. Altijd doen alsof je het eeuwige leven hebt. Het zou zomaar eens een self fulfilling prohecy kunnen worden. Ojala

En wie gelooft dat nu niet graag?

Ik.

Want ik ben de laatste tijd zoveel in termen aangesproken die ik niet graag hoor dat ik er behoorlijk bang van werd. Maar dat woord schreef ik al ergens hierboven. Ik val in herhaling. Is dat goed? Over wat goed is voor mij kan ik soms zo moeilijk beslissen. Medisch zijn daar de artsen die helpen. In wat ik nog kan daarbuiten moet ik zelf de keuzes maken.

Het is in elk geval niet goed om naast een taal – en laat ons wel wezen, Spaans is zeker niet de moeilijkste taal – ook nog een bachelor wijsbegeerte te willen halen. Op mijn eigen tempo, dat wel. Lees: mega-kei-traag en met faciliteiten omwille van mijn fysieke beperkingen, maar mijn brein wil niet. Of beter, mijn brein kan niet. Niet meer.

Zo vormde zich een knoop in mijn maag. Een heel ingewikkelde zeemansknoop heel zeker. Zo van de soort die je alleen kan ontwarren als je hem ook zelf kan maken. Ik stond er dus alleen voor. En nu is hij los. Het touw hangt wat slap te wezen. Ik ben eruit. Ik stop met studeren.

Wat nu komt? Ik blijf gewoon rustig mezelf verder overschatten. Mijn brein moet en zal terug flinker worden. Ik lees toch nog? Ik kan nog een film begrijpen? Alleen een geheugen hebben, wat vaak wel handig is, dat is een heel andere zaak.

Had ik dit kunnen zien aankomen?
Waarom denk ik bijna een jaar langer dan bijvoorbeeld mijn man dat ik dit wél nog kan?

Waarom zie ik niet dat lezen – of een blogpost schrijven – niet meer een half uur aan een stuk kan, maar dat dat in stukjes van 10 tot 15 minuten moet gehakt worden. Waarom zie ik niet dat ik meer en meer medicatie in mijn lijf gepompt krijg en dat die meer en meer gevolgen heeft behalve die dingen waarvoor ze bedoeld is in het gevecht tegen pijn en ziekte.

Natuurlijk zie ik dat wel? Maar het is zo godverdomde unfair dat ik het niet wil zien. Dat had u dan weer al lang zien aankomen wellicht…

En mag dat even? Mag ik soms even blind zijn voor hoe weinig ik nog maar kan? Voor hoe het anders had moeten lopen? Allemaal heel anders. Voor hoe teleurgesteld ik ben daarin? En, bovenal, voor al die beperkingen?

Vanmorgen heb ik mijn bril laten kuisen. Ik verschuil me niet meer achter een stofje hier of daar. De knoop is los, doorgehakt of in elk geval hij zit niet meer in mijn maag. Ik ga blij zijn met wat wel nog kan. Een taal. Een boek. Een transfer van bed naar rolstoel (als ik goed oplet kan ik het nog zelf! ha!). Een voorzichtige beweging in die rolstoel (opletten voor al wat gewond en kapot is) of me laten duwen. Dat laatste is mijn zelfstandigheid volledig opgeven, maar het is soms het enige dat nog mogelijk is. Ik haat dat trouwens dat geduwd worden, maar mezelf daarom ook haten is niet nodig. Toch? En nu begint het hier veel te veel een klaagzang te worden. STOP. Dat is nu ook weer niet nodig. Of alleszins niet nuttig. Niet hier.

Tot gauw! Dat hoop ik echt. Ik ben geen ezel. Tenzij…

Skype

Ik heb recent al eens geschreven over hoe moeilijk het momenteel is om gewoon naar de les te gaan. Maakt niet uit welke les eigenlijk. Na een nieuwe blessure (don’t ask…) kon ik vorige week woensdag niet uit bed/naar de les/blij zijn.

Daar hebben we dan het volgende op gevonden: Skype.

Ik kon nog altijd niet uit bed/naar de les/maar wél blij zijn, want ik volgde de les Spaans dus toch min of meer mee. En daar was ik dus blij om. Omdat de sfeer er altijd fijn is. Omdat ik talen zo tof vind (en het logopediegewijs ook nodig heb daar mee bezig te zijn én blijven). Dus luisterde ik mee en kon ik ook kijken naar een paar mensen waarbij ik met stip – maak daar een mega grote dikke punt van – leraar Bart moet vermelden met wie ik na de les ook nog even kon praten. Zijn idee, zijn laptop en mijn “moral” die opgekrikt werd. Er is dus niet alleen miserie in mijn de wereld.

Of ik volgende week terug live naar Leuven kan hoor ik vrijdag. Ik hoop het wel. Al is het maar voor even. Gewoon. Iets doen wat gezonde mensen ook doen.

¡Anda!

Het derde jaar Spaans aan het CLT is ondertussen ook van start gegaan. Elke woensdagavond van 18u tot iets voor 22u. Dat betekent een namiddag rust om me voor te bereiden minstens en ook… het is weer een heel nieuwe groep mensen. En dat zorgt toch voor de nodige spanning vooraf.

Na de eerste les zijn dit de vaststellingen:

  • ik ben (ook dit jaar) niet levend gevild door de leraar noch door een klasgenoot,
  • mijn Spaans is na de vakantie dan wel wat roestig, maar niet helemaal verdwenen,
  • de eerste vraag mbt. de rolstoel kwam pas na de volledige vier uur les 🙂
  • ook nu was er voldoende humor en dus afleiding van mijn echte wereld.

Ik zie dat dus alweer helemaal zitten. Nieuwe mensen? Ik kan daar tegen! Sterk? Ik? Maar ja! Bij momenten toch… Op naar volgende week dus!

Vakantie (of toch: einde examens)

Eergisteren was een enigszins speciale dag. Ik heb voor het eerst sinds pakweg 1998 nog eens een examen afgelegd aan de universiteit. Aan de KULeuven was het zelfs al van 1997 geleden. In het academiejaar 1997-1998 was het aan de UCL in Louvain-la-Neuve en aan de University of Warwick Business School (UK) en dat laatste waren vooral papers en/of schriftelijke proeven dus eigenlijk was het van 1997 geleden dat ik nog eens mondeling tegenover een professor examen aflegde. Voor echt.

Echt? Ja, mijn plan is een bachelor (en wie weet wat daarna) in de wijsbegeerte te behalen. Daartoe ben ik toegelaten tot de verkorte bachelor wijsbegeerte – ethiek. Ik schreef me in in januari ll. en legde deze zittijd mijn eerste examen af. Op 1 juli ken ik het resultaat, maar ik ben er – min of meer, redelijk – gerust in – alhoewel ik natuurlijk die eeuwige twijfelaar ben en blijf…

Ik koos om met één vak te beginnen om de werklast en mijn studiemogelijkheden nu met alle medische en paramedische zorgen eromheen af te tasten. Volgende week evalueer ik dat ook even met iemand van de dienst studeren met een functiebeperking en dan kies ik ergens deze zomer de vakken voor volgend academiejaar.

Waarom ik dit doe? Goh… zonder inhoudelijk project is het toch moeilijker voor mij. Een mens moet zich staande houden op één of andere manier. Een gesprek kunnen voeren zonder altijd op rolstoel, chronisch ziek zijn, pech en pijn hebben en andere niet-zo-fijne onderwerpen te belanden. Niet alleen in gezelschap, maar ook gewoon in mijn eigen hoofd. Want andere mensen hun levens gaan ook verder natuurlijk. Eerst was er die tijd dat vrienden van onze leeftijd over niets anders dan zwangerschappen en geboortes praatten, nu zijn we aan de communies en lentefeesten beland en ik? Ik teken. Ets. Lees veel. Maar dat blijkt altijd net niet voldoende*.

Dus vroeg ik me af wat ik naast tekenen en lezen nog graag doe en dat blijkt studeren te zijn. En waarover zou ik graag zoveel meer nog willen weten? Wel, dat is dan weer filosofie of wijsbegeerte. Natuurlijk kan je zelf boeken lezen. Véél boeken lezen ook. Maar ik hou ook wel van de colleges, de regelmaat die daarin ligt en het sociale karakter ervan. Dat ik niet de enige “oudere” ben die filosofie – al dan niet verkort – studeert, speelde ook wel mee.

Ondertussen weet ik: het was een fijne ervaring, het examen was te doen en ik wil er dus volgend jaar zeker mee verder.

En dat, dat noem ik in mijn wereld een succes.

* “Goh, ik zou ook wel meer willen lezen, als ik maar tijd had!”, hoor ik dus écht niet graag.

Tromgeroffel en wel luid genoeg!

De resultaten staan online op het besloten gedeelte van de website van het CLT en ja hoor:”Geslaagd!”. Spaans A1 en A2 zijn met succes afgewerkt.

Plan: eind september starten aan B1.

Dat is geen geheime codedaal, maar wel de referentieniveaus die op Europees niveau zijn vastgelegd inzake taalonderwijs. Die B1 graad van Spaans is verdeeld over jaar 2 en jaar 3. In totaal kan je zeven jaar lang Spaanse taal studeren aan het CLT in Leuven. Geen idee of ik dat ook zal doen, maar dat ik nu niet stop is wel zeker.

Claro qué si   😉

En nu sparen!

Wat voorafging:

  • juli 2012: (grote) problemen met mijn spraak.
  • december 2012: de logopediste plant een zaadje in mijn hoofd als volgt:

Veel oefenen hier en thuis is goed en je staat al ver, maar een nieuwe taal beginnen studeren kan je wellicht nog verder helpen. Is er een taal die je nooit sprak en wel wil leren? Denk er eens over na…

  • juli 2013: in de Tour de France beleef ik de dag van mijn leven en er zijn niet toevallig enkele Spaanssprekende heren bij betrokken.
  • augustus 2013: ik schrijf me in voor het eerste jaar Spaans aan het CLT in Leuven.

Hier zijn we nu:

De voorbije weken legde ik de examens af (2 luisterexamens, gevolgd door het schriftelijk en mondeling examen) en – ook al zag ik nog geen resultaten op papier, die volgen begin juni – ik ben er ongelofelijk gerust in dat het goed gegaan is. Vooral omdat de leerkracht het met meer dan zoveel woorden zegde na afloop van mijn mondeling examen. No doubts there.

En zie, dat was dan weer Engels. Dit doe ik nu echt wel bewust om te kunnen vertellen dat de logopediste gelijk had. Door een nieuwe taal te leren – Spaans – heb ik ook nieuwe sprongen voorwaarts gemaakt in het terugwinnen van de andere talen die ik al kende. Ik lees opnieuw veel vlotter Franse en Engelse teksten om maar iets te noemen. En zelfs in het Nederlands is bijvoorbeeld mijn leessnelheid weer dichter bij mijn oude niveau.

Vervolg:

In het kort zijn dit nu de plannen: als alles meezit op Рeuh Рdat andere vlak dan vertrekken wij eind augustus met de auto naar Spanje op vakantie tot en met de tweede week van de Vuelta a Espa̱a begin september.

En dus ga ik nu beginnen met sparen want als ik één ding zeker wil doen in Spanje dan is het een boekenwinkel binnenstappen. Natuurlijk lees ik Spaanse e-books op de Kindle en ook de stadsbibliotheek in Leuven heeft wat Spaanse literatuur in huis, maar allez jong, zo in een Spaanse stad of in een dorpje de lokale boekenwinkel binnenrollen en dan zo beginnen met:“Hola! Buenas tardes! Qué tal?”, en meteen vlotjes verdergaan met:“Busco…”, en dan de dingen opsommen die je zoekt. Wohow! Ik kijk er nu al naar uit.

Een spaarvarken heb ik niet, maar wel een blikken Winnie The Pooh spaarpot. Normaal spaar ik daar het hele jaar de muntstukken in en de briefjes die gemist kunnen worden met het oog op ofwel de Boekenbeurs ofwel een bezoek aan een Engelse boekhandel in Brussel (vóór juli 2012 was dat…) maar nu denk ik dat ik het blikken beertje al in augustus leegmaak 😉

Leuke dingen voor de wielerfan

Ik studeer Spaans aan het CLT in Leuven. Nog niet lang. Ik startte met jaar 1 in september 2013. De examens in januari gingen alvast goed en binnenkort, in de week van 19 mei, volgen de eindexamens. Start van jaar 2 eind september 2014. If all goes well…

De taalcursussen aan het CLT zijn vrij intensief. Of zoals onze profesora dat zegt:”Muy intensivo“. En dat klopt ook wel. Tenminste, ik vind ook dat wij al best veel geleerd hebben.

Ik kon al een keer of twee praten met Spaanse wielervrienden. Coureurs. Een trainer van een wielerploeg. Afgelopen vrijdag was er opnieuw een mogelijkheid. Maar waar ik met bijvoorbeeld Markel Irizar en Haimar Zubeldia vaker praat of berichtjes uitwissel en zij mij ook wel vrij goed kennen, is Joaquim Rodriguez eigenlijk nog veel meer een idool. Iemand die ik bewonder. Vanuit de verte vooral.

In 2011 waren wij in Spanje tijdens de Vuelta en toen al ontmoette ik hem ergens voor de start. Toen ik enkele dagen later bij een ander team stond in een andere startplaats herkende hij mij en kreeg ik opnieuw en spontaan een hand van hem. Met hem bedoel ik dus Joaquim Rodriguez. Zo’n dingen vergeet ik niet.foto

Dus toen ik vorige week een interview met hem las in een Spaans wielertijdschrift en hij ook nog tot en met eergisteren in ons land was voor de klassiekers vond ik dat wel een mooie gelegenheid om zijn handtekening te gaan vragen.

En dat lukte met wat hulp van vrienden.

Ik praatte ook wat met Dani Moreno. Ploegmaat van Rodriguez bij Katusha is dat. Ik tekende hen allebei al meermaals in het verleden. Mijn Spaans kwam er vrij vlot uit. Nu ja, ze begrepen mij en ik begreep hen en wellicht was ik meer nerveus om Spaans te praten in aanwezigheid van Rodriguez en Moreno (en Maertens for that matter) dan dat ik nerveus zal zijn voor het mondelinge examen aan het CLT binnenkort.

Hoe zeggen ze dat in het Engels?
To ace an exam?

Enfin, we zien wel midden mei 😉

Studax, die kat van ons

studeren1_1506867_10201943980334698_1506433078_nOf ik misschien naar Spanje afgereisd ben, vroeg iemand me in een reactie op de vorige post. Neen. Al heb ik wel alvast het parcours van de Vuelta afgeprint. Je kan nooit weten namelijk. Alleen wordt de Vuelta pas van eind augustus tot midden september gereden. Ik ben dus nog in België momenteel 😉

Het klopt wel dat het hier – alweer – lang stil was. Na mijn uitstap naar wielerland op 10 januari studeerde ik nog een dag of vier. Met regelmatige pauzes uiteraard. En nooit alleen. Onze kater wou wel bij mij blijven. Liggen. Ronken. U kent dat wel. Vind ik wel leuk. Behalve als hij (te) lang op mijn cursus komt liggen. De cursus die ik aan het lezen ben. studeren2_1551524_10201944126058341_1966282275_n

Soms doet hij dat. Of neen, maak daar maar: “Vaak doet hij dat,” van. Lief beestje hoor. En hij was soms helemaal ondersteboven van die cursus trouwens.

Ach. De examens waren vorige week. Ze gingen best goed denk ik. Komende dinsdag kennen we het resultaat. Dat is dan in de eerste les van het tweede semester. Ik ben al aan het aftellen. Mis het blijkbaar allemaal snel. Leuven. Het CLT.

Anyway, zal ik mijn schrijfpauze even goedmaken? Vorig weekend dwaalde ik immers opnieuw door wielerland. Dit keer in de vorm van een fietsbeurs. Juist. Fietsbeurs 🙂 To be continued…